BIO NL:
Wout Wilgenburg wordt geboren in het Nederlandse Hoevelaken op drie januari 1944. Debuteert in 1960 als schilder. Gaat op aanraden van de schilderes Stien Eelsing, over tot het beeldhouwen. Maar de kunst kan zijn onrust niet stoppen. Wilgenburg verlangt naar een ander leven, een leven vol avontuur en mysterie. Hij kiest voor de vrijheid en verlaat Nederland en begint te zwerven door Frankrijk.
In 1962 gaat de jonge Wilgenburg aan de slag als leerjongen in het atelier van Pieter Starreveld (1911-1989) in Amersfoort. Hier komt hij in contact met de cire perdue-techniek en ontwikkelt hij een liefde voor de beeldhouwkunst. Het is een harde leertijd en Wout houdt het een jaar uit. Dit is zeer lang, volgens andere leerjongens.
Wilgenburg, ondertussen een jonge twintiger, krijgt voor het eerst de kans zijn werken tentoon te stellen in de internationale groep Artisalle.
Lang blijft hij echter niet op zijn eigen benen staan. Hij neemt contact op met Nic Joosten en kan via hem aan de slag als bronsgieter bij de gieterij van Marth, Ben Joosten en Gerard de Groot in Soest. Dankzij Joosten krijgt Wilgenburg de kans enkele van zijn beelden te laten gieten, zoals "De Rankheid" en "Lezende Vrouw".
Wilgenburg blijft drie jaren parttime werken in Joostens atelier. De kleine ruimte verstikt en benauwt hem uiteindelijk. Hij snakt naar verandering, naar warmte. De kunstenaar pakt voor een tweede maal zijn boeltje bij mekaar en vertrekt naar het zuiden van Joegoslavië. Tegen eind 1964 bevindt hij zich in Kotor (Montenegro) en trekt naar de grotten in Matala op Kreta.
In 1965, na een korte terugkeer naar Nederland (Utrecht), vraagt Wout een visum aan voor Syrië, Israël en Egypte. Halfweg datzelfde jaar verblijft hij alweer in Kreta, waar hij Mikis Theodorakis, een bekende Kretenzische componist, ontmoet. Theodorakis, en de hele zuiderse cultuur wat dat betreft, zullen Wilgenburg inspireren.
Zijn signatuur verandert door de vele reizen en vreemde invloeden. De reizen vormen zijn grootste inspiratiebron. Wilgenburg keert zich steeds meer naar de natuur en het organische. Hij kiest steeds minder voor harde materialen en prefereert een constructieve opbouw.
Wilgenburg trouwt in 1967 en verhuist naar Amsterdam, de bakermat van de provo-beweging en de Kabouters. Hij sluit zich bij deze bewegingen aan en voelt zich –eindelijk– gesettled. In deze periode maakt hij ook kortfilms, zoals Free Amsterdam, voor het O.R.T.F.
In 1968 reist Wout Wilgenburg terug naar Kreta.
Revolutie blijft toch een rode draad doorheen Wilgenburgs verdere leven. Hij reageert tegen de gevestigde macht met elke kans die hij krijgt. Zo herdenkt Wilgenburg in 1970 de bezetting van De Nachtwacht op 11 juni 1969, samen met kunstenaars als Conny Bos, Frans van Bommel en vele andere leden van de Beroepsvereniging van Beeldende Kunstenaars. Wilgenburg is naast deelnemend kunstenaar ook woordvoerder. Hij spreekt er in naam van vele Amsterdamse kunstenaars en reageert tegen het falende cultuurbeleid. Nog voor 1971 reist hij verschillende keren naar Turkije. Het resultaat van die reizen zijn drie kleine boekjes, die hij tijdens de treinreis telkens volschreef.
Sinds 1989 lijkt de storm die Wilgenburgs leven is, enigszins geluwd te zijn. Al vijftien jaar lang blijft hij stekvast in België. Eerst woont hij nog in Steenokkerzeel, later verhuist hij naar Schaarbeek waar hij zijn eigen atelier heeft. Wout Wilgenburg experimenteert nog steeds met dezelfde thema’s en evolueert verder van haast abstracte, organische onderwerpen naar sterk expressionistische figuren.
Wilgenburg staat niet meer op de bakens om revolutie te roepen. We zien hem niet meer met zijn foto in de krant. Verre reizen onderneemt hij niet meer. De kunstenaar leeft als het ware opgesloten samen met zijn kunst. Maar het revolutionaire, de diepere lagen van het bestaan schreeuwen nog wel om aandacht in zijn werken zelf.
BIO FR:
WILGENBURG Wout Hoevelaken/Pays-Bas 1944
Sculpteur, peintre et dessinateur. Autodidacte. Peintre dès 1960 et sculpteur dès 1961. Etudie la fonte de bronze suivant la technique de la cire perdue lors de nombreux voyages en Inde, au Moyen-Orient, en Turquie et en Crète. Travaille dans l'atelier de P. Starreveld à Amersfoort/Pays-Bas, puis dans une fonderie de bronze à Soest. S'installe dans notre pays en 1971, d'abord à Steenokkerzeel, ensuite à Bruxelles. Evolue de compositions abstraites vers une facture expressionniste et vigoureuse où percent des réminiscences symbolistes et son approche des civilisations. (info: www.arto.be)
|